|
Geschreven door Eva Schram
|
|
donderdag 16 augustus 2007 |
Op de trappen die leiden naar de grote borrelzaal van Quintus kwam de geur van bier en zweet je al tegemoet. Niet zo gek, aangezien je in beide kon pootjebaden. Gelukkig lag niet al het bier op de grond, er vloog ook voldoende door de lucht. De sfeer zat er al goed in voordat de Hermes House Band, drie kwartier later dan gepland, op het podium verscheen. De tienkoppige band bracht de gebruikelijke hits ten gehore, van “I’m so excited” tot “Ik leef niet meer voor jou”, maar het publiek vond dat prima en gooide die handjes, zoals continu werd aangemoedigd door zanger Jaap, enthousiast in de lucht. Op de opgestapelde pallets, pardon, vakkundig geconstrueerde verhoging, stonden de toeschouwers samengeperst als treinforensen in de maandagochtendspits. Op het podium stond het ongeveer net zo vol als in de zaal. De band gebruikte iedere vierkante centimeter van het podium om hun act op te luisteren. Het muzikale dieptepunt van de avond was het moment dat de Quinten, die in grote getale aanwezig waren, hun verenigingslied tijdens de pauze ten gehore brachten. De trotse raven bleken eerder valse kraaien te zijn.
In het tweede gedeelte bracht de band een medley van (naar eigen zeggen) zelfgeschreven nummers ten gehore, zoals “Country Roads” en “I Will Survive”, die in het verleden schaam-te-loos zijn gecoverd door John Denver en Gloria Estefan. Tegen de tijd dat de band de bühne verliet, bleef er in de zaal slechts een doorweekt, half doof, maar zeer voldaan publiek over. (ES/LB)
|